HOW2 – 1.3. Onderscheid (9/10)

Het Ontstaan van Werkelijkheid (v2)

1.3. Deel I – Universum / premenselijk

9. Metafysisch onderscheid

Na de logische, wetenschappelijke, religieuze en mythische varianten verschuift de vraag naar status: welke verschillen zijn dragend voor de werkelijkheid zelf? ‘Metafysisch onderscheid’ is hier de naam voor het deel van de onderscheidstructuur dat je niet kunt wegdenken zonder het idee van een wereld te verliezen.

Je kunt dat toetsen met een wegdenkproef. Neem een onderscheid uit de eerdere paragrafen en vraag wat er overblijft als je het op fundamenteel niveau wegdenkt. Verdwijnt het verschil zodra je het beschrijvingskader wijzigt, dan is het beschrijvingsafhankelijk en dus niet metafysisch. Als zo’n weglating het spreken over een wereld ondergraaft, omdat zonder niet-samenval ook ‘iets’ en een domein van mogelijkheden niet meer te formuleren zijn, dan is dat onderscheid een kandidaat voor metafysisch onderscheid.

Vanuit die invalshoek zijn er grofweg twee soorten onderscheid. Er zijn afgeleide onderscheidingen, die pas binnen een gekozen kader ontstaan: categorieën die meeschuiven met meetwijze, schaal of doel. En er zijn dragende onderscheidingen: een minimale structuur van wel/niet en samenval/niet-samenval die elke wereldbeschrijving lijkt te veronderstellen, ongeacht taal of theorie. Niet omdat dit wenselijk is, maar omdat zonder zo’n structuur zelfs ‘er is iets’ tegenover ‘er is niets’ niet meer te articuleren valt. Metafysisch onderscheid doelt op dit tweede type.

Zet je verschillende manieren van spreken naast elkaar, dan wisselt het vocabulaire, maar blijft het schema: niet alle mogelijke situaties vallen samen. Metafysisch onderscheid is dan niet ‘fase’, ‘bit’, ‘licht’ of ‘hemel’, maar de blote vorm waarin sommige mogelijkheden wél en andere niet samengaan. In Deel I kan ‘metafysisch onderscheid’ dienen als werkcriterium. Telkens wanneer een nieuw verschil wordt geïntroduceerd, kun je vragen: is dit afgeleid uit een gekozen kader, of raakt dit aan een dragende niet-samenval die nodig is om überhaupt van werkelijkheid te kunnen spreken? Het antwoord hoeft nog niet definitief te zijn; de vraag bewaakt de inzet van dit deel. De conclusie kan dan samenbrengen welke minimale onderscheidstructuur in dit hoofdstuk onontkoombaar blijkt.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *