Tag: Mogelijkhedenbereik

  • HOW – 1.4. Spectrum

    Het Ontstaan van Werkelijkheid

    1.4. Mogelijkhedenbereik (Spectrum)

    Wat overbleef na ‘Begrenzing’ was een voorwaarde: ‘anders’ kan alleen bestaan voor zover het niet identiek is. Maar die voorwaarde blijft half leeg zolang niet duidelijk is hoe verschil kan uitkomen zonder dat we fysieke ruimte of tijd veronderstellen. Daarom volgt nu een bereik van mogelijke uitkomsten.

    Met ‘mogelijkhedenbereik’ bedoel ik geen ruimte of meetkundig decor. Het is geen leegte waarin dingen ‘staan’, geen raster en geen coördinatenstelsel. Het is de naam voor het minimale kader waarin ‘niet-samenvallen’ meer is dan een tegenstelling: toestanden kunnen verschillen zonder identiek te worden.

    “Er is een spectrum van posities.”

    Met ‘spectrum’ bedoel ik de mogelijkheid van meerdere posities waarin iets kan uitkomen. Dat klinkt ruimtelijk, maar het is hier een abstractie. ‘Positie’ is hier een aanduiding voor een onderscheiden mogelijkheid van uitkomen. Later kan dit ‘ruimte’ of ‘tijd’ blijken te zijn, of iets dat we nu nog niet kunnen benoemen. De enige eis is dat twee onderscheiden toestanden niet op dezelfde positie uitkomen.

    Er wordt niets ‘geplaatst’, uitgezet of gemeten. Het spectrum is hier een minimale mogelijkheid, geen meetlat.

    Zo blijft verschil overeind zonder meteen eigenschappen op te stapelen. Als twee toestanden niet samenvallen, krijgt dat inhoud: ze nemen niet dezelfde positie in.

    ‘Dit’ is dan niet slechts een label, maar een minimale begrenzing: een positie als mogelijke uitkomst binnen variatie.

    ‘Niet-dit’ is geen tweede entiteit naast ‘dit’; het is het complement: alles wat niet die positie is. Zo wordt het onderscheid stabieler zonder ‘dingen’ of ‘plaatsen’.

    Een tweede voordeel is dat posities ook onbezet kunnen blijven. Het spectrum bevat niet alleen wat er feitelijk uitkomt, maar ook welke posities mogelijk zijn zonder gerealiseerd te worden. Dat voegt geen nieuwe werkelijkheid toe; het zegt dat ‘anders’ meer is dan één enkel geval.

    Hier krijgt ‘niet-samenvallen’ een eerste positieve invulling: variatie in positie binnen een abstract bereik. Pas als verschil kan ‘landen’, kunnen ruimte, tijd en structuur volgen.